Actie voeren voor je stage
Uit Anderwijz
Mascha Kortekaas en Sanne Nieuwenhuysen organiseerden een landelijke demonstratie. Ze zijn ontevreden over de manier waarop de laatste stage op de pabo geregeld is. Sommige studenten krijgen goed betaald voor hun stage, anderen krijgen niets voor hetzelfde werk met dezelfde verantwoordelijkheden. Dat moet afgelopen zijn. Anderwijz vroeg naar hun aanpak.
/ Interview / Tekst Joeri Oudshoorn / Beeld Robbert Zijp /
In het laatste jaar van hun opleiding voor leraar basisonderwijs (pabo) lopen ze een half jaar een lio-stage op een basisschool: de leraar in opleiding. Ze worden behandeld als werknemer en ze krijgen de verantwoordelijkheid over een klas. Ze voeren oudergesprekken en vergaderen mee in het schoolteam. Kortom, ze zijn amper van andere leraren te onderscheiden. Toch krijgen ze niet de erkenning die ze verdienen. Tenminste, niet alle studenten.
Elke basisschool kent zijn eigen regels. Daardoor kunnen de verschillen tussen klasgenoten op de pabo enorm groot worden. Sommige scholen geven een riante vergoeding, andere laten de student voor niets voor de klas staan. En door de enorme werkdruk is er eigenlijk ook geen tijd voor het bijbaantje om dan toch in je levensbehoeften te voorzien.
Sanne Ja, we hadden het er al een tijdje over. Dat we het eigenlijk belachelijk vonden. We zaten ons eigenlijk steeds zenuwachtiger over te maken.
Mascha Het komt ook door Nienke, een vriendin. We weten gewoon hoe druk zij het heeft. Dus zijn we in november met z’n tweeën naar Wim van Beek gegaan. Die leraar was ermee bezig. Wij wisten niet wat voor ontwikkelingen er waren, dus dat hebben we eerst helemaal nagevraagd. We vroegen ons af wat we zelf konden doen. Konden we actie gaan voeren, een demonstratie organiseren? Wim was meteen helemaal enthousiast.
Sanne Omdat de overheid de basisscholen betaalt, kwamen we er eigenlijk meteen al achter dat we bij de minister moesten zijn.
Mascha De overheid moet de lio gaan betalen. De basisschool mag pas geld krijgen als die school zo’n lio aanneemt.
Sanne We willen werknemers worden, dus in dienst zijn. Dus dan moet je ook rechten en plichten in een CAO vaststellen.
Mascha En bij de Aob (Algemene Onderwijsbond—red.) zeiden ze ook dat het in de CAO vastgesteld moest worden.
Sanne Toen hebben we punten opgeschreven. Wat moeten we doen, wie moeten we benaderen. Daar ging een aantal weken overheen. We zijn gaan kijken wie wat voor ons kon doen.
Mascha De LSVb (Landelijke Studenten Vakbond—red.) ontving ons met open armen. Ze zijn bezig met stages en de ongelijkheid daartussen. Ze zeiden ook: wij kunnen dat persbericht doen, we hebben dat allemaal in onze computer staan. Geef maar, dan versturen we het.
Sanne Ze hebben ook veel informatie. Ze hebben in principe niet eens veel voor ons gedaan. Maar zij weten bijvoorbeeld hoe je het beste leden van de tweede kamer bereikt. Ze hebben ons zeg maar heel duidelijk begeleid.
Mascha En de Aob kon ons, toekomstige leraren, ook helpen.
“DE GROTE PUBLICITEIT MAAKTE HET DUIDELIJK: ONS INITIATIEF WAS NIET ZOMAAR IETS.”
Sanne We hadden 9 februari als demonstratiedag geprikt, omdat we dachten dat er in Zoetermeer dan een conferentie was over hoger onderwijs. Maar dat was dus in Zeist, dat hadden we niet gezien. Maar toen was de 9e al bekend.
Mascha De brief met de routebeschrijving en het hele idee, alles wat we van plan waren, was al gemaild naar alle studenten en leerkrachten van onze pabo. De computertechnicus heeft ons daarmee geholpen. We hadden in alle lokalen briefjes, posters en affiches opgehangen.
Sanne En we hebben erover verteld, bijvoorbeeld bij het pabo koor. We hebben ook vooraf in het Aob-krantje gestaan. Twee weken van tevoren hadden we een heel mededelingenbord met handtekeningen en routebeschrijving en wat kopietjes uit de krant. Dat ze op onze pabo echt zagen dat het een succes wordt. We lieten zien dat we al publiciteit hadden, dat het is niet zomaar iets is.
Mascha We hadden voor de kerstvakantie een brief gestuurd naar alle pabo’s. Daar hoorden we niets van.
Sanne Ze waren geadresseerd aan de studentenraden. Maar van onze eigen studentenraad weet ik niet eens wanneer ze samenkomen. Dus wie weet komen ze twee keer in het jaar samen. Twee weken voor de 9e hebben we nog een brief gestuurd.
Mascha En we hebben ze ook allemaal gebeld. Als je maar een persoon hebt die het enthousiast op zijn of haar pabo verspreidt, dan is dat natuurlijk eigenlijk al genoeg. Alleen die moet je wel hebben.
Sanne Via internet hadden we ook een emailadres geopend. Mascha Op een gegeven moment hadden ze ook handtekeningen opgehaald op de NOT-beurs in Utrecht. Daar waren ook studenten. Via via hebben we daar ook veel mensen bereikt. Die hebben het ook weer verstuurd, en doorgestuurd. Zo hebben we meer dan vijfduizend handtekeningen opgehaald.
“ALS ZE HET NIET BELANGRIJK GENOEG VINDEN, DOEN WE HET VOOR ONSZELF. WIJ KRIJGEN ER WEL EEN GOED GEVOEL VAN.”
Mascha Je hebt ook heel veel studenten die gewoon geen zin hebben om wat te doen. Sowieso bij het organiseren merkten we dat ook op de pabo heel erg. Ze staan wel als eerste in de rij om hun rekeningnummer door te geven als er straks betaald wordt, bij wijze van spreken. Maar om wat te doen, dat is allemaal te veel gevraagd. Dan zeggen ze ‘ik heb het druk’.
Sanne Dan dacht ik: ‘Ja, wij ook.’
Mascha Ja, laat maar, het hoeft al niet eens meer.
Sanne Ik kreeg echt een hekel aan sommige mensen. Maar dan ga je juist door.
Mascha Op een gegeven moment dachten we: volgens mij komt er niemand.
Sanne Meteen na de kerstvakantie hadden we een bijeenkomst. We hadden overal briefjes opgehangen. En toen kwamen er misschien een paar mensen. Ik heb nog uit het raam staan blèren, naar andere studenten: Komen jullie even hierheen, we hebben een bespreking.
Mascha Daar verbaasden we ons over, we waren best wel in teleurgesteld, dat was echt jammer. De laatste week hebben drie jongens ons wel heel veel geholpen, en we hadden vanaf het begin twee meisjes die ons hielpen. Maar eigenlijk hebben we alles zelf gedaan. Sommige dingen moest je ook wel zelf doen, zoals het contact met de LSVb en de pers. Wij waren daarmee begonnen, dat kan je moeilijk een ander laten doen.
Sanne Je kunt studenten niet dwingen. Wij doen het gewoon omdat wij het belangrijk vinden. Als zij het niet belangrijk genoeg vinden om te helpen, dan doen we het voor ons zelf. Wij krijgen er wel een goed gevoel van. We hebben er heel veel van geleerd. Dus dat was voor anderen misschien ook zinvol geweest.
Mascha ‘Nee is nee, en nee blijft nee,’ zeiden ze.
Sanne De politie zei: ‘Wat een onzin, ik bel wel even’. Toen was alles geregeld.
Mascha Na het aanbieden van de petitie en de demonstratie met duizend studenten hebben we begin april een gesprek gehad met vier adviseurs van de minister. Die zeiden: ‘Vroeger kreeg een basisschool tien potjes. Van de helft van het geld wisten ze het bestaan niet eens af. En uiteindelijk ging daar een kwart van terug.’ Dat is dus hartstikke zonde. Daar willen ze mee stoppen. Daarom wilden ze ook niet gelabeld geld voor de lio geven. Extra geld voor de basisschool hoeft dus niet aan de lio gegeven te worden. En dat vinden wij dus niet goed, daar zijn wij het niet mee eens.
Sanne Ik had een concreet voorbeeld. Stel dat de school waar ik stage loop zegt: ‘Ik besteed mijn geld aan een klassenassistent.’ En bij haar op de school zeggen ze: ‘We geven het liever aan een lio-er.’ Dan is dat hartstikke oneerlijk. Want zij wordt betaald, en ik voor hetzelfde werk niet.
Mascha We zeiden: ‘Het is in principe natuurlijk jullie taak om te zorgen dat het geld op de goede plek komt.’ Maar ja, daar antwoorden ze dus verder niet echt op.
Sanne Het ministerie gaat een brief sturen naar alle scholen, hoe ze het kunnen betalen. Dus een beetje creatief omgaan met de inkomsten die ze krijgen.
Mascha Als er verder geen positieve uitkomst is na de voorjaarsnota, dan moeten we voor prinsjesdag eigenlijk een nieuwe actie georganiseerd hebben.
Sanne Nou, ik weet het niet. Bij mij ziet het ernaar uit dat ik wel betaald krijg volgend jaar. Dan zeg ik: ‘Ok, dan zoekt iedereen het zelf maar uit. Ik heb genoeg gedaan’.
Mascha Wij zijn er zelf ook achter gekomen. Je moet wel de inzet hebben, maar dan kom je er echt wel, hoor. Als je enthousiast bent.


