Beoordelen subjectief - objectief

Uit Anderwijz

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Argumenten voor objectief beoordelen

Het beoordelen van werk van studenten kan op verschillende manieren. Een belangrijk onderscheid is dat tussen objectieve en subjectieve beoordeling. Wie kiest voor objectieve beoordeling kiest voor een betrouwbaar, eerlijk en veilig systeem.

/ Argumenten Enerzijds / Oorspronkelijke tekst Olaf Verheij /

Eerlijkheid

Objectieve maatstaven leveren eerlijke resultaten op. In onze maatschappij is het een groot goed dat iedereen in gelijke gevallen gelijk behandeld en beoordeeld wordt. Daarom moeten ook bij toetsen voor iedereen dezelfde objectieve standaarden gelden. Iedereen kent het verschijnsel wel: het lievelingetje van de leraar krijgt hoge cijfers. Er ontstaat dan twijfel of dat kind gewoon zo slim is of dat de leraar hem voortrekt. Gelijke monniken, gelijke kappen, dat is wel zo eerlijk.

Vergelijkbaarheid

Zonder objectieve standaarden is het onmogelijk om tot een vergelijkbare beoordeling van werkstukken, opdrachten en tentamens te komen. Geen objectieve standaard hebben betekent dat je het werk van studenten niet kunt vergelijken en langs een lat leggen. Als het ene werkstuk een acht heeft gekregen en een ander een zeven wil je kunnen vergelijken en zien waarom het eerste beter is.

Duidelijke verwachtingen

Het is belangrijk dat studenten weten wat er van ze verwacht wordt. Het is logisch deze verwachtingen expliciet te maken in een vooraf vastgestelde objectieve standaard. Zo ontstaat er een helder en eenduidig beeld over de eisen die aan het werk gesteld worden. Het vooraf formuleren van heldere verwachtingen leidt ertoe dat studenten beter kunnen beantwoorden aan de eisen die de opleiding aan hen stelt. Wanneer een docent niet objectief kan uitleggen wanneer iets goed is en wanneer iets niet goed genoeg is, zijn er ook geen duidelijke verwachtingen.

Verschillende correctoren

Als gewerkt wordt met objectieve standaarden maakt het welbeschouwd niet meer uit wie het nakijkwerk doet, zolang de corrector voldoende kennis heeft om de criteria te kunnen toepassen. Hierdoor kunnen verschillende correctoren het werk nakijken, en kan het nakijkwerk eenvoudig door anderen gedaan worden wanneer een docent ziek is.

Rechtspositie

Objectieve toetsing versterkt de rechtspositie van studenten en in zekere zin van docenten. Als studenten het gevoel hebben dat hun werk onterecht laag beoordeeld is, kan vrij eenvoudig een onafhankelijke derde persoon de “checklist” afwerken en een oordeel vellen. Voor docenten geldt het omgekeerde proces: als zij er van beticht worden oneerlijk te beoordelen kan een tweede corrector uitkomst bieden.

Zakelijke beoordeling

Een beoordeling is belangrijk voor de student. Er kunnen grote consequenties zijn verbonden aan een beoordeling. Onder die druk kunnen mensen een beoordelingsresultaat persoonlijk opvatten. Objectieve toetsingsmethoden beschermen opleiding, docent en student tegen vage persoonlijke grenzen tussen goed en fout.

Argumenten voor subjectief beoordelen

Als werkstukken, scripties, uitvoeringen, stages en ontwerpen tot hun recht willen komen, moeten studenten de kans krijgen om af te wijken van een standaard. Een dergelijke subjectieve beoordeling biedt ruimte aan mensen. Ruimte waardoor belangrijke eigenschappen als creativiteit en oorspronkelijkheid gewaardeerd kunnen worden.

/ Argumenten Anderzijds / Oorspronkelijke tekst Renee Wever /

Individualiteit

Subjectieve beoordeling betekent dat het niet noodzakelijk is dat iedereen dezelfde toets maakt. Dit betekent dat het ook niet noodzakelijk is dat iedereen dezelfde opdracht doet. Er is ruimte voor het toespitsen van de opdracht op de behoeften en interesses van de student. Dit maakt het voor de student uitdagender en voor de docent afwisselender.

Produceren versus reproduceren

Zuiver objectief beoordelen kan alleen bij multiple choice vragen. Een antwoord is goed of fout; het beoordelen kan geschieden door een computer, wat ook vaak gebeurt. Multiple choice lijkt uitermate eerlijk, maar het kan slechts gebruikt worden om kennis te toetsen. De student moet gegevens reproduceren die hij geleerd heeft. Veel uitdagender is het produceren van werk. Zelf nadenken over en toepassen van aangereikte kennis. Dit stimuleert creativiteit. Het impliceert echter wel een subjectieve beoordeling door een docent.

Realiteit

Het is helemaal niet erg dat werk van studenten subjectief beoordeeld wordt. Je moet accepteren dat er dan verschillen ontstaan tussen docenten en begeleiders die bij hetzelfde vak horen. Dat is namelijk in de beroepsuitoefening ook zo. In het bedrijfsleven moet een subjectieve baas en subjectieve collega’s tevreden zijn over je werk en in wetenschappelijke omgeving een subjectieve hoogleraar, subjectieve referenten en subjectieve visitatiecommissies. Het helpt natuurlijk wel als je vooraf weet wie er beoordeelt...

Beoordelen van de essentie

Objectieve beoordelingsmethoden kijken naar de concrete resultaten. De essentie van een opdracht ligt vaak helemaal niet in die resultaten maar in de denkwijze die achter het werken aan een resultaat schuilgaat. Die denkwijze kan door een goede docent wel uit een tekst gehaald worden, mits de docent de ruimte krijgt om de gedachtegang van de student te volgen, in plaats van die van het antwoordenboekje.

Subjectief hoeft niet willekeurig te zijn

Het gevaar dat een student voor een opdracht zakt als gevolg van het beoordelen van een werkstuk door slechts één docent, kan ondervangen worden door het inlassen van een second opinion ingeval van een onvoldoende beoordeling. Ook is het mogelijk te accepteren dat er onvoldoende resultaten mogen zijn, zolang het gemiddelde maar voldoende is. Op die manier wordt de willekeur van subjectiviteit verminderd zonder terug te vallen op starre objectieve beoordelingsmethoden.




Persoonlijke instellingen