Probleemgestuurd onderwijs
Uit Anderwijz
Inhoud |
Argumenten voor probleemgestuurd onderwijs
Studeren kan en mag leuk zijn! Er is namelijk Probleemgestuurd Onderwijs (PGO). Hierbij leer je door een zevenstappenplan een probleem op te lossen of project uit te voeren. Je werkt in groepjes samen; kennis die nodig is speelt een ondersteunende rol. Studeren is op die manier een nuttige bezigheid, waarbij je vooral die dingen leert die je ook echt in de praktijk kunt gebruiken. Wat is er zo fantastisch aan als je na drie weken rotten op een zolderbibliotheek een boek uit je hoofd kent?
/ Argumenten Enerzijds / Oorspronkelijke tekst Linda van der Weg /
Breed inzetbaar
De zeven stappen van PGO kun je in principe op van alles toepassen. De aanpak die je leert is breed inzetbaar, dus ook naast je studie. Centraal in deze aanpak staat het verwerven van kennis, maar dan in de context van een probleem. De kennis blijft dus niet ‘in de collegezaal hangen’. Je bent actief bezig de kennis te verwerven en vervolgens te verwerken en gebruiken.
Kennis leren toepassen
Het doel van studeren is een werk- en denkniveau te bereiken waar je de rest van je leven mee vooruit kan. Dit betekent dat je over een bepaalde basiskennis uit je vakgebied dient te beschikken, en dat je hebt geleerd deze kennis toe te passen. De basiskennis is datgene wat de meeste studenten door middel van zelfstudie en massale hoorcolleges zich proberen eigen te maken. Het toepassen van deze kennis probeert het gros van de instellingen haar studenten bij te brengen door duffe opdrachtjes of sommetjes waarvan je vaak het belang niet inziet.
Positief gewaardeerd
Het is inmiddels gebleken dat PGO, zeker ten opzichte van klassieke onderwijsmethoden zoals slaapverwekkende hoorcolleges en achterhaalde opdrachten, positief gewaardeerd wordt. Het leren door te werken aan problemen die realistisch zijn, wordt als interessant en uitdagend ervaren. De problemen die worden aangedragen motiveren de studenten een oplossing te vinden. Misschien daarom ook dat de studenteninstroom in Maastricht, waar PGO veel wordt toegepast, zo hoog is.
Afwisselend en sociaal
Het PGO is afwisselend. Naast zelfstudie moet je ook veel samenwerken met medestudenten, soms multidisciplinair. In het klassieke onderwijssysteem wordt gehamerd op een zelfstandige werkhouding, leve het individualisme lijkt het uit te dragen. Het samenwerken daarentegen bevordert verantwoordelijkheidszin en creativiteit. Een sterk zelfstandige werkhouding is maar in enkele beroepen vereist, de kans dat je moet samenwerken na je studie is erg groot.
Kennis wordt gedeeld
Kennis wordt pas waardevol als je er iets mee doet: als je kennis met mensen deelt, erover praat, er een probleem mee probeert op te lossen. Uiteindelijk heeft de samenleving meer aan individuen die hebben geleerd zichzelf kennis eigen te maken, die deze kennis delen met vakgenoten en niet-vakgenoten, en die creatief met de kennis om kunnen springen.
Argumenten tegen probleemgestuurd onderwijs
Probleemgestuurd Onderwijs (PGO) heeft de laatste jaren een hoge vlucht genomen als modewoord onder beleidsmakers en onderwijsvernieuwers. Volgens velen zou PGO het antwoord bij uitstek zijn op het probleem van vervelende en demotiverende hoorcolleges en bovendien het onderwijs efficiënt maken. Helaas, zoals zo veel modewoorden is ook PGO weinig meer dan een holle term waar onterecht wonderen van verwacht worden. Van PGO valt maar weinig te verwachten, hooguit een uitholling van het onderwijs.
/ Argumenten Anderzijds / Oorspronkelijke tekst Olaf Verheij /
Rechtvaardige beoordeling
Eén van de kenmerken van PGO is dat je in groepjes een concreet probleem uitvoert. Hartstikke leuk natuurlijk en ook erg goed voor de integratie met je studiegenoten. Maar uiteindelijk moet iedereen wel een cijfer krijgen dat recht doet aan zijn eigen inspanning. In dit groepsmodel wordt niet duidelijk wie het eigenlijke werk verzet heeft en wie vooral voor de koffie gezorgd heeft. Gebleken is dat het ook niet helpt om aan de studenten te vragen wie wat gedaan heeft. Zij zijn begrijpelijk genoeg loyaal aan elkaar en zullen dus geen verraad plegen.
Praktijk versus nieuwe inzichten
Allicht is het best wel motiverend om met een bestaand probleem aan de gang te gaan om te ontdekken wat je nou eigenlijk geleerd hebt van al die droge boekenkennis. Maar het is en blijft weinig meer dan een toepassing van de kennis die je tot dan toe opgedaan hebt, niet een uitbreiding. Soms zal je ontdekken dat je kennis niet overal voldoende is en dus iets bijleren, maar fundamentele nieuwe inzichten zullen op deze praktijkgeoriënteerde wijze nooit bereikt worden. Juist het verwerven van nieuwe inzichten is één van de leuke kanten van onderwijs.
Kritisch denken
Een andere zwakke schakel in het PGO is juist het gegeven dat er een oplossing geleverd moet worden. Dit heeft als logisch gevolg dat studenten het vinden van een oplossing de hoogste prioriteit zullen geven. Ook een hogere prioriteit dan nadenken of dit nou wel de meest doordachte oplossingsweg is, of er misschien buiten het perspectief van de vraagstelling bezwaren ontstaan ten gevolge van deze oplossing. Wat telt is dat er een oplossing op tafel komt, de weg daar naartoe wordt daardoor minder belangrijk. Terwijl juist het hoger onderwijs ervoor hoort te zorgen dat studenten zich een goed denkproces eigenmaken.
Wij gaan weer naar school!
Hoewel je van het hoger onderwijs verwacht dat je een beetje zelfstandig aan de slag moet, perst PGO je juist in een strenger keurslijf dan de meeste middelbare scholen. Iemand heeft een mooie planning voor je gemaakt waarop te vinden is van hoe laat tot hoe laat je op welke dagen aanwezig moet zijn en wanneer je opdracht klaar moet zijn. Dit heeft natuurlijk weinig te maken van het aanleren van een zelfstandige werkhouding of academisch werk- en denkniveau. In de ‘echte’ praktijk zal je juist wel zelf aan de slag moeten om je eigen werk in te delen en te plannen. PGO is dus het tegenovergestelde van praktijkgericht onderwijs!
